Trainen van Trainers
Een interview met Karin de Galan

Ger Driesen

door
Ger Driesen

door
Caroline van der Schaaf

05 oktober 2018

T

ien jaar geleden richtte ze haar School voor Training op, het enige trainingsbureau in Nederland dat uitsluitend trainers traint. Ze schreef vijf populaire boeken over het onderwerp en het zesde staat op stapel. Karin de Galan, trainer in hart en nieren, heeft een missie: het vak verbeteren. “Ik geloof dat je met trainingen ontzettend veel impact kunt hebben, als ze goed worden gegeven. Want een goede training geeft een ongelooflijke versnelling in het leren.”

Wacht even… je bent voedingsdeskundige?

Ik heb in Wageningen Voeding van de Mens gestudeerd. Een heel saaie studie vond ik het. In het vierde jaar ben ik toen als cursusleider gaan werken bij het Instituut voor Voorlichtingskunde. Dat vond ik zo leuk dat ik een afstudeervak bij Onderwijskunde ben gaan doen naar het model van Kolb. Direct daarna kon ik aan de slag als didactiek- en communicatietrainer bij Onderwijskunde.

—-

Inmiddels heb je al een hele tijd je eigen bedrijf, dat zich richt op het trainen van trainers. Wat maakt dat voor jou zo de moeite waard?

Ik vind het sowieso een erg leuk vak: wanneer je een groep lekker aan het leren krijgt, is dat echt een feestje. Het blijft elke keer spannend of dat lukt. Daarnaast vind ik het belangrijk om trainers houvast te geven in het trainen, juist omdat het zo’n uitdagend vak is. En ik vind het belangrijk dat deelnemers een goede training krijgen. Mijn missie is om de trainer te helpen begrijpen hoe deelnemers leren en hen te leren hoe je dat leerproces kunt ondersteunen. Want deelnemers moeten echt iets aan de training hebben. Alleen een leuke dag hebben, is niet genoeg.

—-

Hoe krijg je voor elkaar dat je, naast het runnen van je bedrijf en het geven van trainingen, ook nog boeken en blogs schrijft?

Ik ben niet zo iemand die honderd uur per week werkt. Ik denk dat ik de veertig misschien niet eens haal. Maar als ik werk, werk ik ook. Het is echt mijn passie. Ik werk heel gedisciplineerd. Wanneer ik geen training geef, reserveer ik de ochtenden voor denkwerk: schrijven, trainingen ontwikkelen. Daar komt niks tussen. In de middagen doe ik veel telefoontjes: intakes met deelnemers en maatwerkvragen. En vlak niet uit dat Peter tien jaar geleden in het bedrijf is gestapt. Dat geeft zo’n boost. Hij vangt alle telefoontjes op, hij doet de website, hij schrijft mee. We zijn nu samen bezig met het zesde boek.

“Ik ben echt een trainer in hart en nieren. Volgens mij heb ik me verveeld tot ik het vak leerde kennen. Ik ben zielsgelukkig met mijn werk. Op verjaardagen moet ik me altijd inhouden om niet wéér te vertellen wat een geweldig vak ik heb.”

Karin Galan:
· 51 jaar · Twee kinderen (16 en 19 jaar) en partner Peter · Woonplaats: Wageningen · Opgeleid als voedingskundige · Bedrijf: Karin de Galan school voor training

Waar gaat jullie nieuwe boek over?

Over de wetenschap. We vonden mijn methode wat zwak in de transfer; het was niet helemaal duidelijk of mensen ook echt toepassen wat je hen leert. Mijn methode is echt voortgekomen uit de praktijk en Peter – die gepromoveerd is – wilde weten wat de wetenschap te zeggen heeft over effectief trainen en transfer. Daarbij stuitte hij onder meer op de theorie van psycholoog Albert Bandura. Een heel gave leertheorie die ook nog eens voor een heel groot deel bleek te overlappen met mijn methode. We kunnen nu dus zeggen dat mijn methode evidence based is.

—-

Maak jij gebruik van online toepassingen?

Ja zeker. Ik vind digitale toepassingen een ongelooflijke aanvulling. Sinds ik uitlegfilmpjes, filmpjes van trainingen en verdiepingsvragen op mijn site plaats, zíe ik het resultaat van mijn deelnemers vooruit gaan. Het is heel anders of je iets in een boek leest of dat je iemand iets ziet voordoen op beeld. Dat werkt ontzettend goed en het houdt je kwaliteit hoog. Ook als trainers onderling kun je zo de kunst bij elkaar afkijken.

—-

Wat zou je trainers, die er tegenop zien om online leren in te zetten, willen adviseren?

Ik zie twee hobbels voor trainers om hiermee aan de slag te gaan: de techniek en de didactiek. De techniek wordt steeds toegankelijker, mede dankzij aNewSpring. De didactiek is nog wel een probleem: want er is zóveel mogelijk, dus wat kies je dan? Het is dezelfde vraag als naar de keuze van werkvormen. Zonder onderliggende didactiek is dat ook een puzzel. Met de leertheorie van Bandura heb je een goede didactiek, dus die kan trainers helpen.

De methode van Karin de Galan in zeven stappen:

  1. Kijk naar de praktijk van je deelnemers
  2. Kies je focus
  3. Verleid de deelnemers tot leren
  4. Geef de deelnemers houvast
  5. Laat de deelnemers stap voor stap oefenen
  6. Maak de groep veilig
  7. Zet je professionele liefde aan

Denk je dat online trainingen de reguliere trainingen op den duur zullen vervangen?

Nee, dat denk ik niet. Bij een training is het belangrijk dat iemand feedback geeft op wat je doet. Daar heb je een trainer en andere deelnemers voor nodig. Simpele vaardigheden, zoals het repareren van een fietsband, kun je prima van een YouTube filmpje leren. Maar als het complexer wordt, dan is feedback essentieel. Bovendien is leren gewoon moeilijk en bestaat het gevaar dat mensen snel afhaken, zeker bij een online training. Dan helpt het ontzettend als je een trainer hebt die in je gelooft..

—-

Hoe belangrijk is het dat trainers zichzelf blijven ontwikkelen?

Dat hangt ervan af wat je onder ontwikkeling verstaat. Je hoeft niet per se elke keer iets nieuws te doen of nog weer een opleiding te volgen. Als jij veertig jaar lang een geweldige agressietrainer bent, dan is dat toch mooi? Ik vind het wel belangrijk dat je gevoelig blijft voor feedback en jezelf blijft verbeteren. Dus niet: ‘andere groepen vonden dit wél goed, dus wat zeuren jullie nou?

—-

Hoe verbeter jij jezelf steeds weer? Wie traint jou?

De afgelopen jaren heb ik veel geleerd vanuit de wetenschap. Peter voert me elke keer relevante artikelen en dat geeft veel stof tot nadenken en verbetering. Daarnaast houden mijn collega’s en deelnemers me scherp. Mijn vijf collega-trainers zijn net als ik ongelooflijke vakidioten. Die proberen dingen uit, geven mij feedback en we sparren samen. Ook van mijn deelnemers leer ik ontzettend veel. Zij zijn een goede spiegel voor mij, je merkt tijdens een training meteen wat wel en wat niet werkt.

Het nieuwe boek van Karin de Galan en Peter Baggen verschijnt in het najaar van 2019.

 

Nog extra vragen?

Deel ze met ons op Twitter: @aNewSpring